Kennis
Begrippenlijst
De vaktermen die je tegenkomt in netwerk- en beveiligingsprojecten — kort en correct uitgelegd, zonder jargon.
- DAS— Distributed Antenna System
- Een verdeeld antennenetwerk dat één opgevangen radiosignaal — gsm of ASTRID — via splitters en coaxkabel gelijkmatig over een volledig gebouw verspreidt, tot in kelders, parkings en trappenhuizen.
- EN 54
- De Europese normenreeks voor branddetectie- en brandalarmsystemen. Ze legt de eisen vast waaraan de afzonderlijke componenten (detectoren, centrale, sirenes, voeding) moeten voldoen om gecertificeerd te zijn.
- NBN S 21-100-1
- De Belgische norm die het ontwerp, de dimensionering, de plaatsing en het onderhoud van automatische branddetectie in gebouwen vastlegt. De huidige versie is de editie van 2025 (gepubliceerd in juli 2025, ter vervanging van de versie uit 2021), met onder meer een vereenvoudigde risicoanalyse voor kleinere gebouwen en — een Europese primeur — de integratie van camerabewaking in de brandnorm.
- BOSEC— Belgian Organisation for Security Certification
- Een Belgisch kwaliteitslabel voor beveiligingsmateriaal en brandbeveiliging. Het label geeft aan dat een product onafhankelijk getest en gecertificeerd is volgens de geldende normen.
- INCERT
- Een Belgisch certificatielabel (beheerd door ANPI) voor installateurs en materiaal voor inbraak- en branddetectie. Verzekeraars vragen vaak een INCERT-conforme installatie als voorwaarde.
- ASTRID
- Het nationale, beveiligde radionetwerk van de Belgische hulp- en veiligheidsdiensten (politie, brandweer, ambulance, Civiele Bescherming). Grote nieuwbouw moet vaak zorgen voor voldoende ASTRID-dekking binnenshuis.
- TETRA— Terrestrial Trunked Radio
- De digitale radiostandaard voor professionele groepscommunicatie met hulpdiensten. Het is de onderliggende technologie van het ASTRID-netwerk.
- RSSI— Received Signal Strength Indicator
- De meetwaarde, uitgedrukt in dBm, voor de sterkte van een ontvangen radiosignaal. Hoe dichter de waarde bij nul ligt (bv. −70 dBm tegenover −100 dBm), hoe sterker het signaal.
- NDAA (Section 889)
- Een bepaling uit de Amerikaanse defensiewet die het gebruik verbiedt van camera- en telecomapparatuur van een aantal gemarkeerde fabrikanten (o.a. Hikvision, Dahua en Huawei). "NDAA-compliant" camera's bevatten geen onderdelen van die fabrikanten — een garantiesignaal dat veiligheidsbewuste klanten steeds vaker vragen.
- ETSI EN 303 645
- De Europese cybersecurity-standaard voor consumer-IoT-toestellen — smarthome, alarmsystemen, branddetectie en camera's. Ze legt 13 basiseisen op (o.a. geen standaardwachtwoorden, versleutelde communicatie, veilige updates) om toestellen te beschermen tegen botnets, datalekken en ongeoorloofde toegang.
- NBN S 21-112
- De Belgische normreeks uit 2025 voor brandALARMsystemen — het waarschuwen en alarmeren van aanwezigen bij brand, met sirenes en spraakalarm. Ze is de tegenhanger van NBN S 21-100-1, die de detectie regelt.
- EN 50131 (Grade 1–4)
- De Europese normreeks voor inbraak- en overvalalarmsystemen. Ze deelt installaties in vier beveiligingsgraden in — Grade 1 (laag risico, bv. een woning) tot Grade 4 (hoog risico) — die de eisen aan detectie, sabotagebeveiliging en melding bepalen. Verzekeraars leggen vaak een minimumgraad op.
- CIE (brandcentrale)— Control and Indicating Equipment
- De centrale eenheid van een brandmeldsysteem: ze verzamelt de signalen van alle detectoren, stuurt sirenes en brandsturingen aan en zorgt voor de doormelding. Het "brein" waar detectie, signalisatie en bediening samenkomen.
- Aspiratiedetectie (ASD)— Aspirating Smoke Detection
- Actieve rookdetectie waarbij een buizennetwerk voortdurend lucht aanzuigt en analyseert op rookdeeltjes. Ze detecteert brand zeer vroeg en is geschikt voor hoge ruimtes, koelcellen, stoffige omgevingen en plekken waar gewone puntmelders tekortschieten.
- Multicriteria-detector
- Een branddetector die meerdere brandkenmerken tegelijk meet — rook, warmte en soms CO — en die signalen combineert. Zo herkent hij een echte brand sneller én onderscheidt hij die beter van stoom of stof, wat valse meldingen vermindert.
- BIPT— Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie
- De Belgische telecomregulator. Voor gsm-versterking is het BIPT bepalend: een ongecontroleerde repeater zelf plaatsen is niet toegelaten, terwijl een correct opgeleverde signaalversterking wél conform is.
- Faraday-kooi
- Het effect waarbij een geleidende omhulling — metalen gevels, gewapend beton, isolatieglas met metaalcoating — radiosignalen tegenhoudt. Het is de reden dat gsm- en ASTRID-bereik binnen wegvalt, net in energiezuinige nieuwbouw.
- ONVIF— Open Network Video Interface Forum
- Een open standaard die ervoor zorgt dat IP-camera's, recorders en beheersoftware van verschillende merken met elkaar samenwerken. Ze voorkomt dat je vastzit aan één fabrikant.
- PoE— Power over Ethernet
- Techniek waarbij één netwerkkabel zowel de data als de voeding levert aan een toestel — typisch camera's, access points en IP-telefoons. Minder bekabeling en geen apart stopcontact per toestel nodig.
- OSDP— Open Supervised Device Protocol
- Een modern, versleuteld en bewaakt protocol voor de communicatie tussen kaartlezers en de toegangscontrolecentrale. Het vervangt het oudere Wiegand-protocol, dat onversleuteld en makkelijker te manipuleren is.
- Doormelding
- De automatische doorschakeling van een alarm — brand of inbraak — naar een permanent bemande meldkamer of naar de hulpdiensten. Zo wordt er ook ingegrepen wanneer er niemand ter plaatse is.
- Vigilis
- Het officiële register van de FOD Binnenlandse Zaken met de vergunde beveiligingsondernemingen en -installateurs in België. Wie alarm- of camerasystemen mag plaatsen, is er terug te vinden.
Klaar om jouw netwerk- en beveiligingsuitdagingen aan te pakken?
Wacht niet tot het te laat is. Eén gesprek volstaat om te weten waar je staat — vrijblijvend en op maat.